Getijdenmolen Middelburg

Drie in één

Eigenlijk is het een ‘drietrapsmonument’, de gerestaureerde getijdenmolen achter de Stadsschuur in Middelburg. Het betreft een complex dat niet alleen uit de molen zelf bestaat, maar ook uit een bijbehorende spuisluis en schut- en keersluis. Het is hypermoderne waterstaatkundige technologie uit het jaar 1763. Want toen werd de getijdenmolen gebouwd, die in 1994 op monumentale wijze is gerestaureerd.

‘Het object is een overblijfsel uit een roemrijk verleden,’ schreef Wally van der Veur, destijds sectiehoofd bouwkunde van de gemeente Middelburg. ‘Het geheel van getijmolen, spui-, schut- en keersluis – drie totaal verschillende functies binnen een object – is in deze combinatie uniek.’

Pijlen

De afmeting en plaats van het vroegere waterrad is in beeld gebracht door een gestileerd stalen model. Pijlen geven de draairichting aan. In de bestrating tonen rode klinkers welke richting het water volgde dat het schoepenrad liet draaien. Andere pijlen tonen de stroomrichting.
Rondvaart Middelburg langs gerestaureerde getijdenmolen
Rondvaart in Middelburg langs de gerestaureerde getijdenmolen achter de Stadsschuur.

Schuren van de haven

Gezicht op de sluis bij de Stadsschuur in Middelburg. Deze foto is gemaakt tussen 1895 en 1905. (ZA/ZI)
Gezicht op de sluis bij de Stadsschuur in Middelburg. Deze foto is gemaakt tussen 1895 en 1905. (ZA/ZI)
De eerste vermelding van een getijdenmolen in Middelburg dateert van 1314. Deze bevond zich aan de Dam/Spuistraat en was gesticht wegens het graven van het Molenwater. In de omgeving van de huidige molen werd in 1551 een getijdenmolen voltooid, in verband met de toen recente aanleg van de Nieuwe Haven.

In 1760/63 kwamen een nieuw sas (sluis) en spui tot stand bij de Stadsschuur. Eén en ander werd bekrachtigd met de oprichting van een fraaie gedenkzuil ter plaatse, vol plechtige taal en deftige namen. Er werden twee openingen gemaakt, één voor het spui en één voor de getijdenmolen.

 

Schets uit 1851 van arkachtige moddermolen voor het op diepte houden van haven
Afbeelding van de arkachtige ‘moddermolen’ die men gebruikte voor het op diepte houden van de haven van Middelburg. De schets dateert uit 1851. (ZA/ZI)

Watervang

Gezicht op de voormalige sluis bij de Stadsschuur in 2007. Rechts de gevel van het gerechtsgebouw aan de Kousteensedijk.
Gezicht op de voormalige sluis bij de Stadsschuur in 2007. Rechts de gevel van het gerechtsgebouw aan de Kousteensedijk.
Het nieuwe sas gebruikte men voor het schutten van schepen. Maar ook voor de ‘watervang’. Dit is het binnenlaten van water bij vloed voor het aandrijven van de getijdenmolen en ook – zeer belangrijk – voor het schuren van de haven bij eb. Waterstaatkundige problemen (dichtslibbing van Molenwater en haven), financiële perikelen en nieuwe technologieën betekenden het einde voor de getijdenmolen aan de Stadsschuur.
In 1885 werd de molen buiten dienst gesteld.

 

Detail molensteen bij voormalige getijdenmolen in Middelburg
Detailopname van een molensteen bij de voormalige getijdenmolen in Middelburg

Allerlei soorten sluizen

Sluizen zijn onderdeel van de waterkering. Ze hebben één of meer beweegbare delen. Hiermee kan het waterpeil worden gemanipuleerd. Te onderscheiden zijn onder meer
  • uitwaterings- of suatiesluizen
  • keersluizen
  • spuisluizen
  • inlaat- of inundatiesluizen
  • schutsluizen, en
  • doorlaatsluizen.
Een doorlaatsluis zoals in de Brouwersdam (met vissluis) bestaat uit kokers, die zowel voor de inlaat als de uitlaat van water kunnen dienen.

Uitwateringssluizen zijn de oudste vormen van sluizen. Ze zijn nodig om overtollig polderwater te kunnen lozen. Het stadje Sluis in West-Zeeuws-Vlaanderen dankt zijn naam aan één van de oudste ‘suatiesluizen’.
Keersluizen zijn te vinden in Vlissingen (de naam Keersluisbrug verwijst ernaar), Zierikzee en Brouwershaven. Bij zeer hoge waterstand kunnen ze een deel van een kanaal of haven afsluiten.
Spuisluizen – de buurtschap Spui bij Axel heet ernaar – waren vooral belangrijk in de tijd vóór de Deltawerken, toen Zeeland veel tijhaventjes telde. Bij vloed liet men de spuikom vollopen; bij eb spoelde men met dat water het drooggevallen deel van het haventje (de ‘zate’) en de havengeul schoon. Zo ook in Middelburg.

Gedenkzuil uit de 18e eeuw bij de voormalige getijdenmolen in Middelburg
De gedenkzuil uit de 18e eeuw bij de voormalige getijdenmolen in Middelburg.

Restant

Voormalige getijdenmolen aan de Kleine Kade in Goes, tekening van J. Bulthuis uit 1793. (GAG)
Voormalige getijdenmolen aan de Kleine Kade in Goes, tekening van J. Bulthuis uit 1793. (GAG)
Ook getijdenmolens ‘leefden’ van de eeuwige dynamiek van eb en vloed. In Zeeland hebben er sinds de 13e eeuw minstens zestien gewerkt. Behalve in Middelburg is er alleen nog een, sinds 1988 geconserveerd, restant van overgebleven in Sas van Gent, waar de getijmolen in de vestingwallen was opgenomen. In Goes staat aan de Kleine Kade 43 het gebouw van de voormalige getijdenmolen De Luie Elf. Maalinrichting en molenbassin zijn geheel verdwenen. Het gebouw, met klok en daktorentje, was na 1816 bekend als het ‘Soep-’uus’. Vanaf dat jaar tot in de jaren dertig van de 20e eeuw werd hier in de wintermaanden soep aan de armen uitgedeeld.

 

Detail op ansichtkaart van Goes, 1970-1980 met het Soep-'uus' (witte gebouw)
Detail van een ansichtkaart van Goes, 1970-1980, met het Soep-'uus' (wit gebouw met torentje)(ZA, cat.nr. RAAS-152)

Bavelaartje

Bavelaartje met Stadsschuur en getijdenmolen (Gemeente Middelburg)
Bavelaartje met Stadsschuur en getijdenmolen (Gemeente Middelburg)
In de kamer van Burgemeester en Wethouders in het oude Middelburgse stadhuis hing een klein diorama van de Stadsschuur en het gebouwtje van de getijdenmolen.
‘Bavelaartje’ is de benaming voor zulke diorama’s met uit hout, been of ivoor gesneden figuren, voorwerpen, interieurs of stadsgezichten op zeer kleine schaal. Ze heten naar Cornelis Bavelaar (1775-1831) uit Leiden. Deze heeft onder meer alle poorten en overige belangrijke gebouwen van die stad uit deze materialen gesneden. Zijn navolgers werkten ook wel met beschilderd papier en karton.

Perspectief en verhouding

Het belangrijkste aspect van bavelaartjes zijn de weergave in perspectief en de driedimensionale verhoudingen van de voorstelling. Het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem en het Stedelijk Museum de Lakenhal te Leiden bezitten beide een collectie bavelaartjes.

 



Meer weten over oud stadhuis?

Bezoek het thema Stadhuis van Middelburg


Creative Commons Licentie