Plompe Toren, verdronken Koudekerke

Zeeland is veilig

Een blik vanaf de Plompe Toren naar het oosten. Links is de Koudekerkse Inlaag met karrenvelden. Rechts van de weg ligt de Oosterschelde, waar zich pal onder de oever de tientallen meters diepe geul de Hammen uitstrekt.
Een blik vanaf de Plompe Toren naar het oosten. Links is de Koudekerkse Inlaag met karrenvelden. Rechts van de weg ligt de Oosterschelde, waar zich pal onder de oever de tientallen meters diepe geul de Hammen uitstrekt.
Wie de smalle traptreden van de Plompe Toren beklimt, belandt in een levende atlas. Het uitzicht is grandioos.

De toren staat pal aan de Oosterschelde. Hij is het enige zichtbare overblijfsel van het verdronken dorp Koudekerke op het eiland Schouwen. De huidige eigenaar is de Vereniging Natuurmonumenten, die de toren heeft ingericht als bezoekerscentrum.

Verdiepingen

De houten deur van de Plompe Toren biedt toegang tot een leerzame attractie. Op de verschillende verdiepingen wordt met museale en multimediale middelen uitleg gegeven over het verdronken Koudekerke en zijn omgeving. De smalle treden leiden tenslotte naar het open platform op het dak van de spitsloze toren. Hier wijzen bordjes met pijltjes naar interessante punten in het wijde landschap rondom.

Wonder

Naar het zuiden is er de brede Oosterschelde, met de Roggenplaat en de Oliegeul. Daarachter bevindt zich de kust van Noord-Beveland, waarheen de ijle contouren van de Zeelandbrug voeren. In het westen strekt zich het waterstaatkundig wonder van de Oosterscheldekering uit. Bij de ingebruikname in 1986 spreekt Koningin Beatrix de volgende gedenkwaardige woorden: ‘De stormvloedkering is gesloten. De Deltawerken zijn voltooid. Zeeland is veilig.’ Ze sluit daarmee een ruim dertig jaar en ongeveer vijftien miljard gulden vergend project af.

Meer in onze collecties over

De Plompe Toren

Detailopname van de Plompe Toren, in recente jaren gerestaureerd
Detailopname van de Plompe Toren, in recente jaren gerestaureerd. Volgens sommigen heeft de toren juist door de opknapbeurt veel van zijn romantische karakter verloren.

117 verdwenen dorpen

Zeeland veilig? Dat was vroeger wel anders, en de Plompe Toren is een massieve herinnering aan die tijden. Koudekerke, eens een bloeiende nederzetting, behoort tot de minstens 117 verdronken kerkdorpen die Zeeland telt. Het dorp Koudekerke was deel van het Zuidland, een tot vier kilometer breed poldergebied met vele dorpen.

Zuidland

Waar nu de pittoreske driehoekjes van zeilbootjes voortschuiven, kon je eens herders met hun kuddes zien dolen, boeren hun akkers zien inspecteren en mensen naar de mis zien gaan. Het Zuidland van Schouwen ging vrijwel geheel verloren tussen 1475 en 1650. Waterstaatshistoricus M.H. Wilderom heeft becijferd, dat aan de zuidkant van Schouwen zo’n 3.500 hectare polderland is verdwenen.

Verdonken landen, plaatsen...

Zie ook ons thema Verdronken geschiedenis voor meer informatie over vloeden en verdronken landen en plaatsen uit de Zeeuwse geschiedenis.

Meer beeld en boeken

over verdronken dorpen uit onze collecties

Stroomgat

Plompe Toren, tekening van Cornelis Pronk, Oost-Indische inkt, 1743 (ZA/ZI)
Plompe Toren, tekening van Cornelis Pronk, Oost-Indische inkt, 1743 (ZA/ZI)
Gezien vanaf het dak van de Plompe Toren (de bijbehorende kerk is in 1583 afgebroken) ligt in het oosten de Schelphoek. Dit is een reservaat van ongeveer 425 hectare dat onder meer een ‘inbraakkrekengebied’ met diepe geulen omvat. Het is ontstaan tijdens de Februariramp van 1953. Caissons en een betonschip in de herstelde dijk herinneren aan deze ramp.

Vingerling

Buitendijks strekt zich nu onder invloed van het getij een natuurgebied in de Oosterschelde uit. Het binnendijkse gebied is deels ingericht voor recreatie, met viswater en picknickplaatsen. Het Schelphoekgebied is een vroeg voorbeeld van de omstreden ‘ontpoldering’. Het stroomgat schuurde in 1953 zó diep uit, dat de oude dijk niet kon worden hersteld. De waterwerkers namen toen maar hun toevlucht tot een in oorsprong middeleeuwse techniek. Ze dijkten het diepe gat buiten met de aanleg van een zogenaamde ‘vingerling’. Dit is een dijk die na diepe doorbraken landinwaarts achter het stroomgat werd gelegd.



Meer algemene informatie over de Plompe Toren (van plompetoren.nl)

Koudekerkse Inlaag met karrenvelden

Ook naar het noorden zijn alom sporen van de strijd tegen het water. Rondom en aan de voet van de Plompe Toren ligt de Koudekerkse Inlaag met daarin de zogenaamde ‘karrenvelden’.

Inlaagdijken

De aanleg van inlaagdijken gaat eveneens terug tot de middeleeuwen. De Zeeuwse scheidslijn van land en water is er op veel plaatsen sterk door bepaald. De meeste inlagen zijn te vinden langs de Oosterschelde: aan de zuidkust van Schouwen en de noordkust van Noord-Beveland. Ze werden aangelegd op plaatsen waar wegens oever- en dijkvallen gevaar bestond voor overstroming. Om dat te voorkomen werd bij wijze van ‘buffer’ achter de bedreigde zeewering een reservedijk gelegd, een zogenoemde inlaagdijk. De strook tussen zee- en inlaagdijk heette inlaag of, in de middeleeuwen, ‘insete’.

Karrenvelden

En de karrenvelden, waaraan veel Zeeuwse inlagen hun karakteristieke aanblik danken? Die zijn het gevolg van afgravingen om de voorliggende zeedijk te versterken. De klei werd in stroken verwijderd. Hierdoor ontstonden langgerekte plassen of greppels, gescheiden door ‘dammetjes’. Achterin een karrenveld zie je vaak een afwateringssloot. De afgegraven klei werd met karren afgevoerd, vandaar de naam.
Weidegebied met daarachter de Koudekerkse Inlaag met karrenvelden. Op de achtergrond verrijst de Plompe Toren.
Weidegebied met daarachter de Koudekerkse Inlaag met karrenvelden. Op de achtergrond verrijst de Plompe Toren.


Creative Commons Licentie