“Aangezien hier nu eenmaal mensen als handelswaar gezien worden om tegen de producten van Europese kunstvlijt te worden geruild, kwam het er voornamelijk op aan zulke producten uit te kiezen die de zwarten het meest noodzakelijk of luxueus waren gaan vinden. Verschillende soorten geweren, buskruit in kleine vaten van 8 tot 32 pond waren het belangrijkste. Haast net zo begeerlijk waren tabak, zowel gesneden als in bladen, aarden pijpen en brandewijn. Katoen in allerlei soorten en kleuren lagen in stukken van 21 tot 24 ellen, evenals dergelijke of linnen en zijden doeken, die met 6 tot 12 samengewerkt waren. Evenmin mocht een goede voorraad linnen lappen, 3 ellen lang en half zo breed, ontbreken, die daar als lichaamsschort werden gedragen. De rest van de lading bestond uit snuisterijen, zoals kleine spiegels, verschillende soorten messen, bonte kralen, naalden en garen, vuurstenen, vishaken en dergelijke.”