Vroeg verzet
Verzet tegen de sluiting van de Oosterschelde organiseert zich al in 1968. Diverse belangenorganisaties komen bij elkaar:
- de Zevibel (Stichting Visserij Belangen)
- oesterkwekers
- de Stichting voor de Nederlandse Visserij
- milieuactivisten
- garnalenhandelaren
- advocaten
Deze vormen in januari gezamenlijk wat later de Studiegroep Oosterschelde wordt. Albert Lockefeer van de Zevibel wordt de voorzitter. Veel vergaderingen worden gehouden bij ir. Loeff, die in Veere aan de Kaai woont. Zijn buurman is ir. Dibbits van Rijkswaterstaat, een felle voorstander van afsluiting. Dibbits is zodoende zelf getuige van de bewustwording en het verzet van een deel van de Zeeuwen. De kracht van de Studiegroep is, dat het academici uit alle geledingen bevat. Die bieden met goede en technische argumenten tegenwicht aan de plannen van Rijkswaterstaat.
De Kaai van Veere in winterse omstandigheden, circa 1968 (Beeldbank Zeeland)
Links:
De zo vredig ogende Kaai van Veere is in de jaren na 1968 een ijzig decor tussen voorstander van afdamming ir. Dibbits van Rijkswaterstaat en diens tegenstander en buurman ir. Loeff, die lid is van de Studiegroep Oosterschelde en die vele vergaderingen aan huis organiseert. Foto van omstreeks 1968 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: A. van Wyngen)
Argumenten van ir. Loeff
De argumenten die ir. Loeff in de Waterkampioen (37/nr. 1150 (1965) 2-7) naar voren brengt voor het open houden van de Oosterschelde zijn:
- vernietiging van een zeearm met zeldzaam schoon water, die een waterwoestein van vervuild Rijnwater wordt;
- vernietiging van de kraamkamer voor de Noordzeevisserij;
- wegvallen van getij en verandering van golfslag maakt het gebied onaantrekkelijk voor watersport;
- de oester- en mosselcultuur wordt vernietigd;
- de sportvisserij verdwijnt;
- meer ijsgang;
- een veranderd regionaal klimaat is een nadeel voor de fruitteelt;
- een versmalling van de Voordelta zorgt voor afslag van de koppen van de eilanden en verdwijnend strand op Walcheren en Schouwen.
Getijdestroom en oesters
Op 30 april 1969 wordt gestart met de aanleg van een eerste eiland in de Oosterschelde: de Roggeplaat. Per etmaal stroomt er 1.100 miljoen kubieke meter water de Oosterschelde in. Die hoeveelheid stroomt bij eb ook weer weg. Aanleg van dat eiland heeft direct invloed op de groei van de oesters. Als in april 1969 ook het Volkerak wordt afgesloten kan er geen vervuild zoet water uit de Rijn en de Maas meer de Oosterschelde instromen. Hierdoor blijft de bijna voltallige hoeveelheid uitgezette oesters in leven. Dat was in de jaren daarvoor slechts een deel.
Boven: actieposter van de Actiegroep Oosterschelde Open van omstreeks 1980 (ZB, Beeldbank Zeeland)
Oesterkwekers uit Yerseke halen oesters boven water, december 2006 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: Jaap Wolterbeek)
Pers en opinie
Op 1 augustus 1969 wordt het ‘memorandum van de Studiegroep Oosterschelde’ gepubliceerd. Hierin wordt gesteld dat de kosten (inclusief schadeposten) van een dam op twee miljard gulden komen. Het verhogen van de daarachter gelegen 200 kilometer dijk kost ‘slechts’ 600 miljoen gulden. De activisten vinden bij de Stem en de NRC
hun stemgeluid in de berichtgeving.
Het huisblad van de Zeeuwen, de PZC (Provinciale Zeeuwse Courant), is fervent voorstander van sluiting en zwijgt de oppositie dood. Vooral redacteur G.A. de Kok drijft zijn eigen mening door. Redactie en Rijkswaterstaat zijn twee handen op een buik.
Dan krijgt de milieubeweging plots het tij mee. Ernstige milieuschandalen en politieke bijval in de vorm van de club van Rome
brengen een gedachteverandering bij het grote publiek op gang.
[Een opiniërend stuk in de rubriek ‘Kantlijn’ over de Oosterscheldedam van voorstander en hoofdredacteur G.A. de Kok, Provinciale Zeeuwse Courant 5 februari 1970, ZB, Krantenbank Zeeland.]
Links:
Een opiniërend stuk in de rubriek ‘Kantlijn’ over de Oosterscheldedam van voorstander en hoofdredacteur G.A. de Kok, in de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC) van 5 februari 1970 (ZB, Krantenbank Zeeland)
Een opiniërend stuk in de Provinciale Zeeuwse Courant van 5 februari 1970 (Krantenbank Zeeland)
Demonstraties
Tot dan toe wordt er niet openlijk gedemonstreerd. Dat verandert op zaterdag 19 december 1970. Minister Bakker van Verkeer en Waterstaat komt de Schroebrug openen in Middelburg (zie twee afbeeldingen rechts). De jeugd van Yerseke kalkt in metershoge witte letters ‘Oosterschelde open’ op de muur van een stationsgebouw. Overal in de omgeving worden stickers met dezelfde tekst opgeplakt. In januari 1971 wordt in Yerseke de Actiegroep Oosterschelde Open opgericht. Eén van de eerste acties is het vol plakken van de ramen van het Delta-instituut in Yerseke met actieleuzen.
Protestleuzen van de Actiegroep Oosterschelde Open op een muraltmuurtje in de haven van Kattendijke, 9 september 1975 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: Wim Helm)

Boven: opening van de Schroebrug in Middelburg door burgemeester Wolters en minister Bakker op 19 december 1970. Ondanks het grauwe weer bleven de acties van Oosterschelde Open niet onopgemerkt. (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: K. Tiggelman)
1974
In 1974 verwerpt de Tweede Kamer met 75 tegen 67 stemmen een motie van antirevolutionair M. Schakel om de Oosterschelde met een vaste dam van zee af te sluiten. Met die stemming overleeft het kabinet Den Uyl een kritiek moment. De uitslag betekent ook dat de Oosterschelde 'halfopen' blijft met een pijlerdam als stormvloedkering.
De Oosterschelde mag geen miskleun worden
De waterstaatkundige ingenieur H. Meijer is altijd tegen een dichte Oosterschelde geweest. Hij is actief in de actiegroep SOS (Samenwerking Oosterschelde) en zegt dat één zinnetje in de Deltawet alle commotie heeft veroorzaakt. De zin waar staat 'alle zeegaten, behalve de Nieuwe Waterweg en de Westerschelde' zullen worden afgesloten. Een deel van de Waterstaatsmensen is afgeschrokken door het Brokopondo-project
in Suriname en wil nu niet opnieuw een bouwkundige mislukking op zijn naam door de Oosterschelde rigoureus af te dammen.
Brokopondo stuwmeer (foto: www.super-suriname.com)
Boven: als het aan Tweede Kamerlid Schakel had gelegen, had de afsluiting van de Oosterschelde er net zo uitgezien als die van de Brouwersdam op 5 mei 1970 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: C. Kotvis)
Links:
Het Brokopondo stuwmeer leverde wel een elektriciteitscentrale op, maar niet-gekapte kapotte bomen ontsieren de waterplas. Hierdoor is het meer onbevaarbaar. Vanwege de aanleg werden duizenden bewoners van het gebied gedwongen te verhuizen (foto: www.super-suriname.com)
Alternatieven worden afgewezen
Rijkswaterstaat wijst begin jaren zeventig alternatieven nog van de hand. De milieugroepen blijven daarom ontevreden. Ook D'66, de PSP
en de Partij van de Arbeid gaan ten slotte door de knieën voor het idee dat de Oosterschelde open moet blijven. Daarom wordt de commissie Klaassesz ingesteld om een advies te geven.
De minister van Verkeer en Waterstaat drs. Tj. Westerterp maakt een blunder door te zeggen: 'De commissie mag wel adviseren maar de Oosterschelde moet afgesloten worden.' Dat werkt bij Klaassesz als een lap op een rode stier. De commissie vraagt in 1973 aan de Deltadienst naar de mogelijkheid om de oevers van de Oosterschelde te versterken. Deze weigert en speelt de vraag door aan de Provinciale Waterstaat. Deze concludeert in een -bijzonder ondeugdelijk, (want de conclusies zijn al vooraf bekend),- rapport dat dit onmogelijk is.
De oud-Commissaris van de Koningin in Zuid-Holland biedt minister Westerterp het eerste rapport over de afsluiting van de Oosterschelde aan van de commissie Klaassesz, 1974 (ZB, Beeldbank Zeeland)
Waterschappen en geld
In het kort komt het erop neer dat de verschillende overheden niets voelen voor aanpassing van de plannen. Daar is op zich ook reden toe, want verandering van plannen betekent in veel gevallen financiering uit eigen middelen. Dat uit zich in uitspraken van bijvoorbeeld de waterschappen in Zeeland, dat dezen ‘wel aan een onderzoek wilden meewerken, “mits de afsluiting van de Oosterschelde de enige juiste oplossing werd geacht.”’ Dit soort van halsstarrigheid doet de publieke opinie uiteindelijk omslaan.
Stand van Actiegroep Oosterschelde Open, Oosterscheldedag augustus 1973 (Beeldbank Zeeland)
Links:
Een stand van de Actiegroep Oosterschelde Open op de Oosterscheldedag in augustus 1973 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: Wim Helm)
Een waterdoorlatende dam
De Tweede Kamer stemt al in 1974 in met een doorlaatbare pijlerdam. Terwijl het politieke debat nog volop woedt, bouwt Rijkswaterstaat onverdroten voort aan het project. Dat zet kwaad bloed. Er zijn inmiddels werkeilanden aangelegd, er is een start gemaakt met de bouw van pylonen voor een kabelbaan en er is een blokkenmat gelegd waarop de (vaste) dam zal moeten komen.
Als eind 1974 een definitief besluit valt, moet dit deels worden afgebroken (zie foto's rechts en hieronder) en dat kost meer dan 200 miljoen gulden. In reactie op de gewijzigde plannen verlaten vele topambtenaren het ministerie van Verkeer en Waterstaat.
Delen van fundament en pilonen voor blokkendam in Oosterschelde - alles moet weer worden afgebroken, april 1976 (Beeldbank Zeeland)
Boven en links:
Terwijl er in 1976 al delen van het fundament en pilonen voor een blokkendam in de Oosterschelde zijn geplaatst, veranderen alsnog de plannen... Alles moet weer worden afgebroken. Foto's uit april 1976 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto’s: Wim Helm)
1976
In 1976 is Den Haag eindelijk rijp voor een nieuw alternatief: er ligt een plan op tafel waarin de Oosterscheldedam van een aantal sluizen wordt voorzien, die slechts bij extreme waterstanden gesloten hoeven te worden Het unieke zouterwatermilieu en de visstand zullen dan in stand worden gehouden. Er zullen 62 openingen van elk 40 meter breed in de kering worden aangebracht om zoveel mogelijk zout water door te kunnen laten. Geprobeerd wordt om de getijdenwerking zo veel mogelijk in stand te houden.
De Zeelandbrug, waaronder het water ongehinderd stroomt (Beeldbank Zeeland)
Links:
Net als bij de Zeelandbrug zal ook bij de te bouwen pijlerdam het water van de Noordzee vrijelijk de Oosterschelde in- en uit kunnen stromen. Foto van 16 oktober 1965 (ZB, Beeldbank Zeeland; foto: C. Meijer)
© Geschiedeniszeeland 2012