Op Walcheren en Zuid-Beveland verdwijnen momenteel in hoog tempo de twee laatst overgebleven Zeeuwse streekdrachten. Nadat de laatste draagster zal zijn overleden, is deze kleding alleen nog in het museum te zien. Wat een verschil met tweehonderd jaar geleden toen op het hele Zeeuwse platteland streekdrachten werden gedragen.
De term 'streekdrachten' verwijst naar het streekgebonden karakter van de kleding. Aan het begin van de 19e eeuw wordt overal in Zeeland nog een zelfde soort kostuum gedragen, maar in de loop van de 19e eeuw ontstaan in verschillende gebieden varianten. Uiteindelijk telt Zeeland maar liefst zestien verschillende streekdrachten. Daarbinnen zijn er soms nog varianten per dorp of beroepsgroep of kerkelijke gezindte.
Al in de tweede helft van de 19e eeuw beginnen de eerste streekdrachten te verdwijnen. De vrouwendrachten op Walcheren en Zuid-Beveland houden het langst stand. Nu wonen in Arnemuiden en Westkapelle nog de meeste draagsters van streekdracht. Mannen in dracht leven er niet meer.