Na 1631 verhuizen met name de mosselvissers uit Reimerswaal naar Tholen. Op deze uitsnede van een afbeelding van Tholen zijn diverse vissers actief, onder andere met fuiken. (Uit: N. Visscher, Speculum Zelandiae, circa 1650)
Mosseloorlogen
Regelmatig komen de mosselvissers uit Tholen recht tegenover mosselvissers uit andere plaatsen te staan. Zo zijn er diverse voorbeelden van ruzies over het vissen op zekere mosselbanken met vissers uit Axel, Sas van Gent, Bruinisse, Terneuzen en Gent. Deze conflicten worden ook wel 'mosseloorlogen' genoemd. Een verdiende naam aangezien het soms behoorlijk uit de hand loopt.
In 1707 wordt door de Staten van Zeeland bepaald dat alleen Zeeuwen nog in de eigen provincie mogen vissen. Toch worden nadien nog regelmatig 'buitenlanders' uit Vlaanderen betrapt. Ook ontstaat rond 1775 hoogoplopende ruzie met Bergen op Zoom over visrechten, opnieuw in het voordeel beslecht van Tholen.
Oestervisserij
De eerste schriftelijke bewijzen voor het bestaan van oestervisserij dateren uit het begin van de 17e eeuw. Dan ontstaan aan de zuidzijde van Schouwen spontaan oesterbanken. Voorheen wordt dit schelpdier nog geïmporteerd uit Engeland of Frankrijk, nadien is het niet meer weg te denken uit Zeeland. Vanaf het midden van de 17e eeuw worden actief oesterbanken aangelegd. Aanvankelijk zijn het de plaatsen Zierikzee en Bruinisse die een voorname rol in de oesterteelt spelen. Deze nieuwe sector maakt echter al spoedig kennis met tegenslag. Zo zijn er berichten bewaard van het Zierikzeese stadsbestuur uit de winter van 1669-1670 die handelen over een plotse grote oestersterfte. Ook in onze tijd kennen we deze problematiek.
 

Mossel- en oesterschelpen. Hoewel een echte visserij op mosselen in Zeeland pas na de 15e eeuw tot bloei komt, weten de Romeinen deze schaaldieren ruim dertien eeuwen eerder al te waarderen. Samen met onder andere oesters en allerlei vissoorten behoren mosselen tot een terugkerend bestanddeel van hun maaltijd.