Een walvis wordt gevangen in de wateren tussen Sint-Annaland en Bruinisse, oktober 1682. Vierde uit een reeks van vijf afbeeldingen, kopergravures van A. de Blois (ZA/KZGW/ZI)
Baleinen
De baleinen van de walvis bevinden zich in de bek van het dier. Het is een zeefachtige structuur voor het filteren van voedsel (plankton) uit het water. Baleinen, ook wel hoornplaten genoemd, zijn van nature stijf. Wanneer dit materiaal in water wordt verwarmd kan het echter worden vervormd. Het materiaal wordt gebruikt voor verwerking in korsetten en hoepelrokken maar ook wel toegepast bij het maken van siervoorwerpen, dozen, mesheften, paraplu's en waaiers.
Onderkaak
Beenderen en dan met name de onderkaakbeenderen leveren een fijn soort traan of olie ('kneukolie'). Ook zijn deze beenderen basismateriaal voor de vervaardiging van diverse gereedschappen. Na thuiskomst vervullen de beenderen tevens decoratieve doelen, bijvoorbeeld aan de muur. In de wei tenslotte zijn ze ook regelmatig gebruikt als schuurpaal voor het vee.
 

Verwerking van (diezelfde maar dan) dode walvis op een plaat voor Sint-Annaland, oktober 1682.
Het verhaal gaat dat schipper Joosty Kok van Vianen de walvis het eerst ziet; Gerrit de Koning van Middelburg en Klaas Waal van Geertruidenberg vangen samen de walvis. Aan de beurzen op de kades van Bruinisse en Sint Philipsland hangen lange tijd beenderen van deze walvis. (ZA/KZGW/ZI).