Militaire vluchtelingen
Een Molukse familie voor hun behuizing in kamp Havendorp in Vlissingen, 1958 (Beeldbank Zeeland)
In 1951 worden 13.000 Molukse KNIL-militairen vanuit Indonesië naar Nederland gehaald. Door de nationalisten van Soekarno worden dezen van collaboratie beticht. Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd kiezen ze de zijde van Nederland. In Nederland is echter een overschot aan militairen. Daarom worden de Molukkers uit hun militaire functie gezet en massaal in kampen geplaatst.
In Zeeland worden de Molukkers vooral ondergebracht in kampen op Walcheren, Schouwen, Zeeuws-Vlaanderen en Zuid-Beveland. Vanuit die kampen wordt de nationalistische Partai Nasionalis Maluku Selatan (PNMS) opgezet. Doel van de PNMS is terugkeer naar Ceram. Op dit eiland wordt nog verzet geboden tegen de Indonesische overheersing.