Zuid-Molukkers

Militaire vluchtelingen

Een Molukse familie voor hun behuizing in kamp Havendorp in Vlissingen, 1958 (Beeldbank Zeeland)
Een Molukse familie voor hun behuizing in kamp Havendorp in Vlissingen, 1958 (Beeldbank Zeeland)
In 1951 worden 13.000 Molukse KNIL-militairen vanuit Indonesië naar Nederland gehaald. Door de nationalisten van Soekarno worden dezen van collaboratie beticht. Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd kiezen ze de zijde van Nederland. In Nederland is echter een overschot aan militairen. Daarom worden de Molukkers uit hun militaire functie gezet en massaal in kampen geplaatst.

In Zeeland worden de Molukkers vooral ondergebracht in kampen op Walcheren, Schouwen, Zeeuws-Vlaanderen en Zuid-Beveland. Vanuit die kampen wordt de nationalistische Partai Nasionalis Maluku Selatan (PNMS) opgezet. Doel van de PNMS is terugkeer naar Ceram. Op dit eiland wordt nog verzet geboden tegen de Indonesische overheersing.

PNMS

In Westkapelle zitten veel PNMS leden. Na invoering van de zogenaamde zelfverzorgingsregel ontstaat daardoor een gespannen situatie. Dit wordt door de autoriteiten niet onderkend. Deze zelfverzorgingsregel houdt in dat de Molukkers niet langer door de overheid van voedsel worden voorzien. Ze moeten zelf voor de kost zorgen. Daarnaast moeten ze 60% van hun inkomen afstaan om hun huisvesting aan de overheid terug te betalen. De Nederlandse regering besluit de gaarkeukens te sluiten.
Hoewel de Molukkers graag mogen kokkerellen voor een familiediner valt de sluiting van de gaarkeukens in 1955 erg slecht. Voortaan moeten de Molukkers hun voedsel zelf betalen en klaarmaken. Een van de eerste politieke signalen dat terugkeer naar Ambon onmogelijk zal worden. Deze foto dateert van 8 april 1989 (Beeldbank Zeeland, foto: Wim Helm)
Hoewel de Molukkers graag mogen kokkerellen voor een familiediner valt de sluiting van de gaarkeukens in 1955 erg slecht. Voortaan moeten de Molukkers hun voedsel zelf betalen en klaarmaken. Een van de eerste politieke signalen dat terugkeer naar Ambon onmogelijk zal worden. Deze foto dateert van 8 april 1989 (Beeldbank Zeeland, foto: Wim Helm)
De wooneenheid binnen de kampen wordt van een keuken voorzien. Op 31 december 1955 worden in Woonoord I in Middelburg alle in aanbouw zijnde keukens onklaar gemaakt. Twintig verdachte mannen uit het kamp worden opgepakt. De feitelijke escalatie van het probleem begint met de diefstal van enige kippen. Het is dan juli/augustus 1956.

Schietincident

De politie weet de buit - althans dat deel dat nog niet opgepeuzeld is - terug te krijgen. In Westkapelle echter volgen op dezelfde dag als in Middelburg diefstallen bij vier winkeliers. De 28 'dieven' nemen hun boodschappen mee met de mededeling dat de regering wel zal betalen. De Harde Bijstand eenheid wordt opgeroepen om het kamp te bewaken en erop toe te zien dat de noodverordening (niemand mag het kamp in of uit tussen 21.00 en 06.00 uur) wordt uitgevoerd.
Als twee fietsende Molukkers toch het kamp willen verlaten gaat het mis. Ze rijden tegen de politiemensen aan. Dan volgt een schermutseling waarbij wachtmeester Joos Stroo 'op de benen' van de opdringende Molukkers schiet. Over de afloop van het incident wordt van overheidszijde nogal luchtig gedaan. En dat terwijl bij de Molukker Lewerisse een kogel onder het linkeroog is gekomen, waardoor hij daaraan blind raakt.

Burgemeester Tydeman van Westkapelle, 1954 (Beeldbank Zeeland)

Opsluiting

Bovenal zijn de Molukkers diep gekrenkt dat zij Nederland jarenlang trouw hebben gediend. Eerst hebben ze als militair de oorlog overleefd en nu worden ze door diezelfde overheid neergeschoten. Ernstiger nog zijn de officiële rapporten over de zaak, die elkaar tegenspreken: zo zouden er minder kogels afgevuurd zijn dan er gewonden zijn gevallen! Ambonese getuigen melden dan ook dat niet alleen agent Stroo schiet, maar dat er ook vanuit andere richtingen is geschoten. Er vallen negen gewonden. Allen die zich schuldig hebben gemaakt aan de 'diefstal' of ’s avonds bij de actie betrokken zijn, krijgen vier maanden cel. Na hun terugkeer wordt rond het kamp een prikkeldraadversperring aangebracht en een lichtinstallatie die ’s avonds het hele complex in een hel licht zet.
Boven: burgemeester Tydeman van Westkapelle laat keihard optreden tegen Molukkers die zich verzetten tegen de zelfverzorgingsregel. In het molukkerkamp escaleert de situatie daardoor tot ernstig geweld. Tydeman heeft achteraf nooit spijt betuigd over deze beslissingen (Beeldbank Zeeland, foto: Utrechts Nieuwsblad, 27 juni 1954).
Het kamp bij Westkapelle werd in 1956 voorzien van prikkeldraad sterke verlichting zodat niemand ’s avonds ongezien weg kon komen (Beeldbank Zeeland, fotoarchief PZC, 17 januari 1957)
Het kamp bij Westkapelle werd in 1956 voorzien van prikkeldraad sterke verlichting zodat niemand ’s avonds ongezien weg kon komen (Beeldbank Zeeland, fotoarchief PZC, 17 januari 1957)

Voedselpaketten

Dankzij diverse giften die het kamp binnen worden gesmokkeld krijgen de vrouwen en kinderen alsnog genoeg te eten. Burgemeester Tydeman schaart zich echter achter het overheidsstandpunt van de zelfverzorgingsregel. Hij laat in augustus 1956 enkele mensen overplaatsen van wie hij 'problemen' verwacht. Uiteindelijk stemt een groot deel alsnog in met de overheidseisen.























Tweede generatie

Tweede generatie Molukkers (Beeldbank Zeeland)
Tweede generatie Molukkers (Beeldbank Zeeland)
Wellicht zijn veel Molukkers het strijden moe nadat blijkt dat ook in eigen kring de opstelling ten opzichte van de overheid zeer ambivalent is.
In de zeventiger jaren van de 20e eeuw zal de overheidspolitiek zich alsnog wreken als de tweede generatie Molukkers opnieuw voor haar vrijheidsideaal opkomt en dit kracht bijzet door enkele gewelddadig verlopen treinkapingen en het bezetten van een lagere school.
De tweede generatie Molukkers blijft in de jaren zeventig van de 20e eeuw streven naar een onafhankelijk Ambon. Het overheidsstandpunt en de politieke opstelling van hun ouders vindt bij deze groep geen genade. Enkele jonge radicale Molukkers gaan over tot het kapen van treinen en het gijzelen van een school, waarbij dodelijke slachtoffers vallen (Foto: Beeldbank Zeeland, foto: D. den Hollander, 1972).

Lilipaly

Geleidelijk trekken de Molukkers in de jaren zestig weg uit de kampen of vertrekken naar woonwijken. In Oost-Souburg en Middelburg zijn er daar nog twee van. In de jaren zestig komt het in het uitgaansleven van de jeugd nog een enkele keer tot relletjes. De Molukse jongens hebben namelijk een grote aantrekkingskracht op de Walcherse meiden. Dat wordt niet altijd gepikt door de plattelandsjeugd. Geleidelijk aan is deze groep echter volledig geassimileerd . Waarschijnlijk vinden we de achternaam Lilipaly over een eeuw even Zeeuws als Geschiere nu.
Teken van assimilatie: een huwelijk in Middelburg tussen een Molukse man en een Nederlandse bruid in 1970 (Beeldbank Zeeland, foto: J. Midavaine)
Teken van assimilatie: een huwelijk in Middelburg tussen een Molukse man en een Nederlandse bruid in 1970 (Beeldbank Zeeland, foto: J. Midavaine)


Creative Commons Licentie