Alle thema's Ontdekken Plompe Toren Valweel en drielandenpunt Westkapelse Zeedijk Getijdenmolen Middelburg Inlagen bij De Keihoogte Staketwerk Nieuwe Sluis Gemaal 'Oosterschelde' Muraltmuur bij Scharendijke Caissons van Ouwerkerk Dijkwerkersbeeld Veersedam Stormvloedkering Dijk op Deltasterkte Meer weten? Colofon Reacties

Muraltmuur bij Scharendijke



Meer afbeeldingen

In onze collecties zitten veel meer foto's (en prentbriefkaarten) van muraltmuren ... Zoek eens op muralt en vervolgens in de rechterkolom bij afbeeldingen.




Inlagen en karrenvelden? Kijk onderaan op de pagina Plompe Toren voor een korte uitleg. 

Langzaam sterven

Muraltmuur bij Scharendijke met een betonnen trap. Muraltmuur bij Scharendijke met een betonnen trap.
De tijd heeft zijn merktekens op de muraltmuur bij Scharendijke achtergelaten: groene en oranje sporen van verwering, onuitroeibare mossen en algen. De langzaam stervende muurtjes hebben veel gezien. Maar eigenlijk hebben ze een beetje gefaald.

De lange muraltmuur op de oude zeedijk langs de Grevelingen bij Scharendijke is het meest indrukwekkend. Daarom is deze alleen hier in Zeeland als monument beschermd. Het kunstwerk begint ten westen van Scharendijke, bij het nog net in de duinen geposteerde ‘Koepeltje’. Ten oosten van de jachthaven zet het zich voort in de richting van Den Osse (Langendijk). Daar liggen aan de landzijde inlagen en karrenvelden uit de 15e en 16e eeuw.

Fraai uitzicht

Loop eens vanuit het westen over de dijk naar de jachthaven, bovenlangs de Inlaag, de Elkerzeese weg en het Baken. Vanaf het met fijn grind bestrooide wandelpad heb je een fraai uitzicht op het Grevelingenmeer met het schorreneiland Hompelvoet. Naar het noordwesten deint niet langer de met grauwe schuimkoppen gekroonde zee, maar ligt de veilige Brouwersdam. Daar, aan de einder, verrijzen de mediterraan aandoende gevels van het recreatiedorp Port Zélande, met de Kabbelaarsbank. Aan de landzijde kijk je over de daken van de bescheiden dorpshuisjes van Scharendijke.
Het aanbrengen van een spijkerglooiing, omstreeks 1910
Een revolutionaire, achteraf niet bevredigende spijkerglooiing wordt als dijkverdediging aangebracht op Schouwen-Duiveland, omstreeks 1910. (WZE/S) 

Beton en nog eens beton

Het systeem 'De Muralt' op een fotokaart. Het systeem 'De Muralt' op een fotokaart.
De muraltmuur bestaat hier uit drie of vier horizontale betonnen platen, tussen betonnen staanders. Hij reikt de wandelaar ongeveer tot borsthoogte. Na honderden meters onderbreekt Jachthaven De Kloosternol de lange, lange litanie van de muraltmuur van Scharendijke. ‘Bedankt, Goede Vaart en Tot Ziens!’ meldt een bord aan de oostkant van de havenmond.

Aan de landzijde ten westen van de jachthaven is de dijk plaatselijk bedekt met verschillende soorten betonnen bekleding, rijkelijk door onkruid en wilde struikjes overgroeid en steeds geflankeerd door een trap.

Basaltine

Eén van die Scharendijkse glooiingen verwierf de naam ‘Spijkerdijk’. Het is een klein waterbouwkundig monument. Het Nederlandse product ‘Basaltine-Spijkerglooiing’ werd gepresenteerd in 1908. Basaltine was toen een nieuwe, harde betonsoort. Bij wijze van demonstratie werd hier, in Scharendijke, een stukje aan de binnenkant van de zeedijk aangelegd. De spijkerbekleding bestaat uit betonnen platen, voorzien van vierkante gaten. Daar zijn weer grote kegelvormige spijkers van gewapend beton doorheengeslagen. Van enige afstand geeft dit een ‘patchwork’-effect. De methode bleek overigens niet te voldoen.

 

Jhr.ir. R.R.L. de Muralt in karakteristieke pose, peinzend over de werking van het getij, het effect van zinkwerken en de kracht van beton. Wat de toepassing van dit laatste materiaal betreft was hij een pionier. (GASD)


Vloedmerk aan de Staddschuur in Middelburg Het vloedmerk - eigenlijk vloedmerken - aan de Stadsschuur in Middelburg. Het centrum van Middelburg ligt twee meter hoger dan het grootste deel van Walcheren. Tijdens de hier aangegeven vloeden stond het water op het platteland dus tot aan de dakgoten...

Vloedmerken

Vloedmerken zoals op het monumentenbordje in Stavenisse zijn op veel plaatsen in Zeeland en daarbuiten (zoals Willemstad en Schoonhoven) te vinden. 

Jonkheer De Muralt

Jhr.ir. R.R.L. de Muralt in karakteristieke pose
Muraltmuren zijn een uitvinding van jonkheer ir. R.R.L. de Muralt. De Muralt startte zijn loopbaan in Nederlands-Indië, als ingenieur van de Waterstaat van 's Lands Burgerlijke Openbare Werken. Vervolgens kwam hij naar Schouwen. Van 1903-1913 was hij hier hoofd Technische Dienst van het waterschap. De Muralt had al een systeem van zeeglooiingen van gewapend beton op zijn naam. Deze waren veel goedkoper dan de gangbare basaltglooiingen. Die betonnen glooiingen doorstonden de stormvloeden van 1906 en 1911 vrijwel zonder schade.

Alternatieve dijkverhoging

Net als na de stormvloed van 1808, besloot men na de vloed van 1906 tot een algemene dijkverhoging. Ook nu kwam De Muralt met een goedkope, betonnen oplossing. Hij ontwikkelde de muraltmuurtjes: een alternatieve dijkverhoging, waarvoor je het dijklichaam niet hoefde te verbreden. Een enorme besparing. Tussen 1906 en 1935 werd in Zeeland ongeveer honderdtwintig kilometer zeedijk van dergelijke muurtjes voorzien. Dit was ongeveer een kwart van alle Zeeuwse zeedijken in die periode!

Rampspoed

Helaas werd rampspoed met deze maatregel niet afgewend: de Februariramp van 1953 toonde dat verpletterend aan. De meeste ‘muraltmuurtjes’ werden dus opgeruimd bij de dijkverzwaringen na 1953. Nadien zijn ze nog sporadisch toegepast als tijdelijke of noodconstructie.
Op dijken die geen primaire waterkerende functie meer hebben zijn ze nog volop te zien, zoals langs het Veerse Meer bij Wolphaartsdijk, of langs de Oosterscheldedijk bij de Plompe Toren. Bij het verdronken Koudekerke realiseerde De Muralt ook het eerste betonzinkwerk.

Gedenktekens

Het is een eeuwenoude traditie om dergelijke merken te plaatsen op de maximale hoogte van binnengestroomd water. Zo vind je op het visafslaghuisje aan de Turfkade te Goes een hardstenen vloedmerk van de ramp van 26 januari 1682. Dit is de eerste vloed waarover veel is geschreven en gepubliceerd.

Vloedmerken van de Ramp van 1953 zijn op veel plaatsen te vinden, zoals aan de muur van de kerk in Sint-Philipsland.
Op Schouwen-Duiveland zijn in diverse dorpen Rampvloedmerken aangebracht door de heemkundige Vereniging Stad en Lande van Schouwen-Duiveland (website).
Ook aan weerszijden van de te bezoeken pijler van de Oosterscheldekering zijn Rampvloedmerken aangebracht.
In Middelburg vinden we een vloedmerk op de oostelijke gevel van de Stadsschuur.
Muraltmuur bij Scharendijke. Links is het monumentenbordje op de muur te zien. Muraltmuur bij Scharendijke. Links is het monumentenbordje op de muur te zien.
Ten oosten van Scharendijke is op de muraltmuur een blauw monumentenbordje van Waterschap Zeeuwse Eilanden geschroefd. Het doet klein en nietig aan op de langgerekte muraltmuur. Op het bord is ook een vloedmerk van de Ramp van 1953 aangebracht.

Voor een ander Muraltgedenkteken moeten we naar het haventje Rattekaai ten noorden van Rilland aan de Oosterschelde. Daar ligt een (betonnen!) plaquette ter herinnering aan het aanbrengen van betonwerk volgens het ‘systeem De Muralt’ (1912). Een jaar eerder kreeg De Muralt voor al zijn inspanningen de prestigieuze Conrad-premie, een internationale onderscheiding.
Op dit vloedmerk (zie foto hierboven) lezen we de hoogte van verschillende vloeden, onder andere in 1682, 1808 en 1825.
Gedenksteen in muraltmuur aan de Baken en Langendijk bij Scharendijke (Beeldbank Zeeland)




Gedenksteen in muraltmuur aan de Baken en Langendijk bij Scharendijke (Beeldbank Zeeland, foto: W. Helm)